donderdag 30 oktober 2014

Deel II: Getuigschriften, Insignes, oorkondes… is dat nog wel van deze tijd?

Met nieuwsberichten over de spanningen en veranderingen op de arbeidsmarkt die vandaag de dag plaatsvinden, in een markt waarin zelfs, of ook, gevestigde bedrijven als KLM met massaontslagen dreigen, lijkt een erkenning voor langdurig werkgevers-werknemersverband uit het zicht te geraken. 

Of neemt het belang van een erkenning hierdoor niet juist toe?

Lasaulec is een van de gevestigde bedrijven in Nederland die getuigschriften afneemt. We vroegen HR manager Kees van der Heijden naar zijn bevindingen.


Lasaulec een Technisch Groothandelsbedrijf is opgericht in 1947. Met enige regelmaat hebben wij dan ook jubilarissen met 25 of 40 dienstjaren. Zij worden geëerd met een vererend getuigschrift met daarop aangebracht de zilveren medaille bij 25 jaar en de gouden bij een 40 jarig jubileum.
Het geheel wordt dan ingelijst en aan de jubilaris uitgereikt.

Dat dit gebaar op prijs gesteld wordt werd ons duidelijk toen wij jaren geleden er over nadachten om het vererende getuigschrift te laten vervallen. Er stak een storm van protest op, zodanig dat wij dit plan snel hebben laten varen. Bij veel jubilarissen heeft het getuigschrift een ereplaats in hun huis.




donderdag 11 september 2014

Getuigschriften, Insignes, oorkondes… is dat nog wel van deze tijd?

Het vererend getuigschrift werd ingesteld in 1903 en sindsdien aan vele generaties jubilarissen uitgereikt als bewijs van waardering van het hele Nederlandse bedrijfsleven. De Maatschappij kent deze toe aan haar bedrijfsleden.

Bestaat dat nog, zoveel jaren diensttrouw? In tijden waarin vaste contracten nog maar weinig worden gegeven doordat bedrijven onder druk staan, of  talenten worden weggekaapt door de grotere jongens? Die ‘ouderwetse’ loyaliteit van medewerkers en van de werkgever is vandaag-de-dag toch een schaars goed?

Dat bezit, dat moet je juist koesteren. Net als een goede gezondheid. Die moet je voeden en ondersteunen. En soms ook extra belonen. Je waardering laten blijken.
Maar is een getuigschrift of insigne nog wel van deze tijd? Zijn er geen modernere varianten denkbaar die ook volstaan? Zit de medewerker die zich jarenlang heeft ingezet nog wel te wachten op een nieuw lijstje aan de wand of een speldje op zijn revers?

Tijd voor vernieuwing!

Of…

Toch niet?

HR manager Kees van der Heijden van Lasaulec, groothandel in techniek, dacht er ook het zijne over.
Geen oorkonde meer voor jarenlange trouwe dienst en inzet. Waar dit tot leidde….


Wordt vervolgd!






maandag 25 augustus 2014

In de prijzen vallen

Prijzen en netwerken. Wat heeft dat nu weer met elkaar te maken?

Voor De Maatschappij juist heel veel.

De Nederlandsche Maatschappij voor Nijverheid en Handel opgericht in 1777 kwam bijeen in vergadering. Vergaderingen met grijze wijze mannen in pak uit diverse gelederen. Ondernemers, wetenschappers en bestuurders. Allen met het doel de Nederlandse economie te bespreken en te zoeken naar middelen die economie te stimuleren.

Hoe anders, in een tijd zonder internet en andere snelle communicatiemiddelen, 
moest men het destijds zoeken in beloningen om de mens tot nadenken en kennisdelen te bewegen.

Heden ten dagen is de mens in dat opzicht ook niet veranderd.

Innovaties worden ingegeven door crisis, onvolkomenheden in het dagelijks leven en,
ten delen gestimuleerd,  door beloningen te geven in de vorm van prijzen. We zoeken immers altijd naar nieuwe ontwikkelingen, willen graag uitgedaagd worden en zien onze inzet ook graag beloond.

Omdat we de wereld iets mooier willen maken.

De Techniekprijs, waarbij departement Zaanstreek-Waterland nauw betrokken is,
is zo ouderwets als dat het modern is. De nieuwe generatie van innoveerders zit in de schoolbanken. Een generatie die opgroeit te midden van mogelijkheden, maar nog altijd op zoek gaat naar die nieuwe uitdagingen en verbeteringen in ons dagelijks leven.
Daarom verbindt De Maatschappij zich aan het onderwijs dat bijdraagt aan een stimulerende, ondernemende maatschappij.

De Techniekprijs 2014 wordt uitgereikt aan een bijzonder talent in het
MBO Techniekonderwijs in regio Zaanstreek -Waterland.
De uitreiking vindt plaats op 3 september om 19:00 uur in het stadhuis in Zaanstad
waar de jaarlijkse uitreiking van de Techniekprijs plaatsvindt.

Voor meer informatie
klik hier 


Genomineerden voor Techniekprijs 2014

dinsdag 15 juli 2014

Van Twitter tot jaarcongres 2014

Anders dan andere jaren heeft De Maatschappij voor het jaarcongres 2014 meer en strategisch social media ingezet om publiciteit en zo meer bezoekers voor het jaarcongres aan te trekken. En met effect! We ontmoetten Lonneke Boons
van New Label. Op Twitter bekend als @LonnekeBoons. Via Twitter kwam zij te weten over het jaarcongres en raakte zij geïnteresseerd. 
Het landelijk bureau stelde haar uit nieuwsgierigheid naar haar beleving enkele vragen.

Wie ben je en wat doe je?
Ik ben Lonneke Boons, eigenaar van New-Label. Ik coach medewerkers bij stress en burn-out, zodat ze weer met plezier naar het werk gaan. Ik begeleid mensen 1-op-1 en bied oplossingen op maat. Samen pakken we de oorzaak van stress aan door te kijken naar de praktische zaken én de persoonlijke kwaliteiten van de medewerker.

Hoe wist je van het jaarcongres?
Ik zag op Twitter een tweet over het jaarcongres 2014 voorbij komen en  mij gelijk aangemeld. Het was heel makkelijk om je aan te melden. Laagdrempelig, omdat ook
niet-leden konden deelnemen. Verder vond ik de opzet van de dag ongecompliceerd.
Het thema en de sprekers van de verschillende sessies spraken mij zeer aan. Ik kon op de website zien wie zich al ingeschreven hadden. Zo wist ik te voren wie ik er kon verwachten en ontmoeten.

Hoe heb je het jaarcongres ervaren?
Ik heb mij aangemeld voor het jaarcongres om nieuwe mensen te ontmoeten. Het congres voelde voor mij als een warm bad. Alles was goed geregeld, heel compleet met lunch, drankjes en avondeten. Het jaarcongres voldeed absoluut aan mijn verwachtingen en zelfs meer dan dat. Het viel mij op dat veel mensen elkaar al kenden. Dat was leuk om te zien. Er heerste een ongedwongen sfeer.

Hoe denk je na je bezoek aan het jaarcongres over De Maatschappij?
Ik denk dat De Maatschappij een toegevoegde waarde kan zijn voor mijn bedrijf New-Label. Ik denk er zeker over om ook naar andere bijeenkomsten toe te gaan. Ik vind de leden van De Maatschappij heel divers en gezellig. Maar ik vind ook dat er wel wat meer jongere mensen mogen aansluiten. Ik overweeg nog om lid te worden.
In mijn regio is nog niet zo lang geleden een departement opgestart. Ik ga kijken wat ze willen gaan organiseren en of dat bij mijn bedrijf aansluit.

Heb je nog tips, argumenten of ideeën die je zou willen delen met de leden van De Maatschappij?
Probeer ook jongere mensen aan te trekken, denk aan een samenwerking met onderwijsinstellingen en businesscoaches.

En tot slot?
Bedankt voor een super jaarcongres!




dinsdag 1 juli 2014

Met mijn neus in de boter

6 mei was mijn eerste dag als communicatiemedewerker op het landelijk bureau van De Maatschappij. Ter vervanging van Corine die een paar maanden afwezig is wegens zwangerschapsverlof. Uiteraard had ik mij ingelezen en een beeld gevormd van de organisatie. Gevormd op basis van de gesprekken met de collega’s en de informatie die op de website staat.

Na een paar weken inwerken was het dan toch echt helemaal aan mij. Dat betekende, ondanks de inwerkperiode,  een duik in het diepe. Met de gedachte ‘in het diepe leer je zwemmen’ ging ik  voortvarend aan de slag. Onderweg kwam ik enkele stromingen tegen. Daarop heb ik zo goed en zo kwaad als dat ging geanticipeerd.

Als u nu denkt ’waar gaat dit over?’ Dat dacht ik dus ook, zeg ik lachend. Want de vereniging De Maatschappij is niet een gewone werkorganisatie en zeker geen gewoon netwerk. Dat werd mij gaandeweg in de voorbereidingen naar het jaarcongres 2014 toe steeds meer duidelijk.
Een presentatie in elkaar zetten, betekende niet slechts de juiste plaatjes bij elkaar zetten, maar ook je verdiepen in waar De Maatschappij voor staat en wat we doen. Een speech voor de voorzitter bleef niet bij grote lijnen maar ging ook om de juiste toon te zetten en de details over de samenwerkingsverbanden in kaart te brengen.

De mini-expositie met kunsthistorische schatten die aan het Openluchtmuseum  geschonken zouden worden tijdens het jaarcongres, bleek een project op zich met een nauwe samenwerking tussen bestuursleden, museum en deskundigen. De vertaling van een idee naar concrete tentoonstelling, inclusief interne en externe PR en prijsvraag kwam niet zomaar tot stand. Zonder enig draaiboek werd dat een leuke uitdaging. Het was dan ook heel leuk om als resultaat te zien hoe de leden geïnteresseerd langs de objecten liepen en enthousiast de prijsvraag invulden. Het extra toefje slagroom op de taart.

Met het jaarcongres werd mijn plaatje compleet. Ik viel wat dat betreft echt met mijn neus in de boter.  Het was een groot feest. Een dag met leuke ontmoetingen, goede gesprekken, inspirerende sprekers en een presentator die vaak op hilarische wijze het programma aan elkaar wist te verbinden, maakten voor mij een compleet beeld van De Maatschappij als netwerkorganisatie.

Ik heb veel handen mogen schudden. Wat mij opviel is dat men erg open is naar elkaar. Ongeacht de achtergrond, de verschillen of raakvlakken, maar altijd erg geïnteresseerd in wat de ander beweegt. De leden van De Maatschappij delen geen visitekaartjes met elkaar uit om winst te behalen maar om interesse in de ander te tonen. Ik ben blij dat ik daar deelgenoot van mag zijn.

Chantal Linnemann, communicatiemedewerker landelijk bureau

donderdag 19 december 2013

Verlichting van betekenis

Een avond met Voorzitter Directie/CEO Philips Benelux

Op een heldere herfstavond fiets ik langs de Amstel naar het Philips hoofdkantoor. Van verre zie ik de Breitnertoren al oplichten in de groeiende duisternis. Ik parkeer mijn fiets en loop naar binnen tegen de stroom in van ‘young and good looking people’ die het gebouw verlaat. Ik word verwacht: ‘De Maatschappij? Loop maar door’. Als een van de weinige rokjes neem ik plaats tussen de zee van donkere pakken. Hans de Jong, Voorzitter Directie/CEO Philips Benelux en spreker van vanavond maakt er aan het begin van zijn verhaal een opmerking over: ‘De man/vrouw verhouding is nog niet helemaal in balans hier zie ik, net als bij ons’.

CEO of niet, Hans de Jong neemt geen afstand; ook letterlijk niet. Hij staat tijdens het praten geregeld tussen ons in en zoekt de interactie met het publiek.
Zijn verhaal is er niet minder indrukwekkend om. Wij horen met groeiende trots hoe een Nederlandse onderneming een steeds grotere speler op een aantal groeimarkten wereldwijd werd. Dat ging niet vanzelf. Daar moesten rigoureuze maar weloverwogen strategische keuzes voor worden gemaakt. De keuze voor de groeimarkten stond helder voor ogen, maar ook de bottomline daarbij die regelrecht verbonden is met het hart van de organisatie: Philips betreedt alleen die markten die aansluiten bij de ervaring en competentie van het bedrijf én waar betekenisvolle innovaties kunnen worden toegevoegd.

‘Improve life’ is de wereldwijde missie en de markten waarop Philips dit in praktijk brengt zijn ‘betaalbare zorg’, ‘energie efficiëntie’ en ‘welzijn’.
Naarmate het verhaal vordert schuift het publiek richting puntje van de stoel. We krijgen een beeld geschilderd van een corporate organisatie waar continuïteitsstreven met menselijke waarden en betekenis wordt verenigd. Dat is bijzonder.
Hans de Jong praat over betekenisvolle innovaties en mensgerelateerde doelen.
De kernvraag bij Philps is ‘zínnige applicatie’: het bedrijf wil bijvoorbeeld bijdragen aan ‘veiligheid’ en ‘versterking van identiteit.’ Als voorbeeld noemt Hans de Jong verbetering van de leefsfeer in ziekenhuizen met behulp van LEDverlichting. ‘LED heeft de toekomst’, zegt hij. ‘LED kan elke ambiance bewerkstelligen en heeft daarmee direct invloed op het humeur en het prestatievermogen van mensen’.
Ook is de hoogst moderne kanteling van de visie van ‘kennis is macht’ naar ‘open source innovatie’ bij Philips in volle gang. ‘De tijd dat innovaties in het diepste geheim binnenskamers werden uitgebroed en op het allerlaatst wereldkundig werden gemaakt is voorbij. Innoveren doe je tegenwoordig in wisselwerking  met de andere spelers in het veld:  met de wetenschap, met burgers en met andere marktgerelateerde partijen.
“We doen heus niet alles goed’, zegt hij nog, ‘maar het belangrijkste is dat je erin stapt. Je moet erbij zijn, dingen uitproberen, learning by doing’.

Na afloop hoor ik veel positieve geluiden. ‘Da’s tenminste begrijpelijke taal’, zeggen sommigen. ‘Een bedrijf waar Nederland trots op mag zijn’, zeggen anderen. Zelf ben ik verrukt dat instrumenteel technische maakbaarheid en menselijke maat in dit wereldconcern samengaan. Het kan dus wel! En dat het eren van de historie en van innovatief opereren hand in hand gaan. Dat blijkt alleen al in het nieuwe logo waarmee de presentatie wordt afgesloten. Het oogt heel bekend en vertrouwd maar is sinds de oprichting van Philips in 1891 voortdurend aan de nieuwe tijd aangepast.

Als dank overhandigt onze voorzitter Antoinette Pernot de kleurige en chique De Maatschappij das. In een prachtig nieuw doosje zie ik. Philips en De Maatschappij schudden elkaar de hand.


Marlou van Paridon.

Marlou van Paridon, MA, is organisatiefilosofe en oprichter van bureau Schittering, voor verandering in mensen en organisaties. Zij schreef twee boeken over zingeving en inspiratie in werk en leven: de ZIN aan het werk (2012) en De Kunst van het Stralen (2013).
www.schitteringfilosofie.nl / www.dekunstvanhetstralen.nl


dinsdag 5 november 2013

Luxe angst

Zijn wij in staat van angst? Ja, maar dan wel luxe angst. Niet dat ik angst wil bagatelliseren. Ik heb eerbied voor angst; dat inwendige dier dat aan de grondvesten van je bestaan kan knagen; dat vormeloze wezen dat je ’s nachts besluipt en palingen door je beenderen laat glijden; die zwarte poel die elk moment aan je voeten kan liggen en je kan meesleuren naar een hel waarvan geen terugkeer mogelijk lijkt. Ik maak een diepe buiging voor iedereen die deze fysiologische angst trotseert.

Maar de angst die onze samenleving regeert is geen fysiologische angst.
De angst die de westerse maatschappij stuurt is nep angst; aangeleerde angst; luxe angst die, als je er maar genoeg in gelooft, hooguit kan léiden tot fysiologische angst.

Onze westerse would be angst is de angst om te verliezen.
Dat is de angst om liefde te verliezen, om geld te verliezen, positie, bekende patronen, aanzien, geloofwaardigheid, autoriteit, je gezicht je huis, je auto, je vrienden, je leven.
Angst loopt hand in hand met een ouder wordende maatschappij. Hoe meer verworvenheden, des te meer angst om te verliezen. Een jonge samenleving heeft niets te verliezen. Zij ervaart de kracht en de vreugde van dagelijks gezamenlijk scheppen. Vandaar de heilzaamheid van oorlogen en rampen. Het geluk zit in bouwen, in scheppen. Dat doorzien is de wijsheid van Shiva, de Hindoestaanse god van creatie en vernietiging. Dat is ook de wijsheid van Friedrich Nietzsche als hij spreekt van de eeuwige wederkeer: geen creatie zonder vernietiging, geen betekenis zonder verlies van betekenis; een zich eeuwig herhalend proces.

In plaats van onszelf vast te zetten door de angst voor verlies en verandering zouden we de tijdelijkheid van alles moeten koesteren. Juist dat geeft betekenis aan het bestaan. De stoïcijnen rond het jaar 0 mediteerden op de dood. Niet om het levenseinde te bespoedigen maar om het leven te vieren! Het besef van eindigheid als cadeau. Zonder dat besef zijn we niet in staat de betekenis van het leven te bevatten.
‘De meeste mensen sterven voordat zij ten volle geboren zijn’, zegt Erich Fromm, 20ste eeuwse Duitse filosoof. Waarom sterven veel mensen zo vroeg? Uit angst om te leven. Ons probleem is dat we alles waar ons leven op enig moment uit bestaat voor vanzelfsprekend houden. Dat we ervan uitgaan dat hoe het is, is hoe het moet zijn en moet blijven. ‘Een wijs mens zorgt ervoor dat niets wat hem overkomt geheel onverwachts komt’, zegt de stoïcijn Seneca. We hebben veel en dus veel te verliezen. En daarmee geven we terroristen hun sterkste wapen in handen.

Of zijn we inmiddels misschien wijs genoeg geworden om het proces van voortschrijdende decadentie en maatschappelijke verzenuwing te keren?
Zijn we al een beetje in staat te leven alsof niets vanzelfsprekend is?
Misschien kunnen we dit keer in de geschiedenis over de angst heen kijken naar de betrekkelijkheid van alles. En beseffen dat onze kracht niet zit in verworvenheden, maar in het vermogen steeds opnieuw te scheppen, met elkaar; en dat we elkaar daarvoor zullen moeten vertrouwen
Ik woon in een prachtig huis in Amsterdam Zuid maar ik weet dat ik het te leen heb van de eeuwigheid. Voor mij woonden hier anderen en na mij zullen nog veel mensen lief en leed onder ditzelfde dak delen. Wat een genot dat ik nu hier ben, voor zo lang het duurt. Dagelijks maakt mijn hart een sprongetje van vreugde als de sleutel weer past. Ja, ik mag nog steeds naar binnen. Morgen kan alles anders zijn.
Ik stel voor om te leven alsof we onze vrienden, geliefden en onze bezittingen maar te leen hebben, tijdelijk, zolang het duurt. Dat we elke dag koesteren. En dat we ons voornemen het te begrijpen als er straks een ander werelddeel aan de beurt is om de hoogste levensstandaard te hebben. Het kan verkeren.
Ik stel voor dat we kwaliteit van leven niet langer verwarren met welvaartsgroei. Maar dat we kwaliteit zoeken in wat er is. Ik stel voor dat we er allemaal vanuit gaan dat we het over een aantal jaren met minder moeten doen. Minder comfort, minder bezit, misschien ook met minder vrienden en geliefden. Ik stel voor dat we beseffen dat elke keuze een beetje sterven betekent. Omdat ‘en + en’ alleen halfslachtige compromissen oplevert. ‘En + en’ is de keuze voor de angst.
Als iedereen bereid is zijn eigen bestaan dagelijks een beetje te vernietigen behouden we de kracht en de ruimte om dagelijks te scheppen. Dan houden we onze maatschappij eeuwig jong en vrij van angst.


Marlou van Paridon, filosoof MA, www.schitteringfilosofie.nl 

Deze blog bevat ideeën uit mijn boek 'de ZIN aan het werk., ISBN 9789080419605
Met Schittering Filosofie onderzoek ik in hoeverre leven en werken vanuit eigen identiteit en zingeving mogelijk is. Ik meen dat excellentie ontstaat waar persoonlijke en collectieve zingeving in organisaties samengaan.